Luisterbegrip

Van de ratten besnuffeld © IVO | Inspiratie Voor Onderwijs063 | Van de ratten ...
Met de spannende radiodocumentaire 'Van de ratten besnuffeld' maken kinderen kennis met een hardnekkige rattenplaag. Een les Wereldoriëntatie, begrijpend luisteren en boordevol nieuwe woordenschat ...

Stelopdrachten

034 | Broodje-aap verhaal
Verzin met de klas de meest bizarre broodjes-aap. En wie is in staat om een sterk geloofwaardige leugen te schrijven? Een verrassend leuke taalles voor tussendoor waarbij goed 'liegen' mag! ...

Smoezenkampioen © IVO | Inspiratie Voor Onderwijs045 | Smoezenkampioen
Je bent door het rode licht gefietst en wordt aangehouden. Hoe kom je onder de bekeuring uit? De klas mag aan de slag met het bedenken van de smoezen die geloofwaardig over moeten komen ...

Reflectie

Collectief geheugen © IVO | Inspiratie Voor Onderwijs003 | Collectief geheugen
Wat herinneren kinderen zich later nog van school? IVO bedacht een handig hulpmiddel om noemenswaardige uitspraken, gesprekken, en gebeurtenissen vast te leggen voor later ...

Expressie

Monotype © IVO | Inspiratie Voor Onderwijs024 | Monotype
Een monotype is een druktechniek waarbij slechts één afdruk gemaakt kan worden. De techniek wordt ook monoprint genoemd. Op een plaat wordt met inkt een afbeelding gemaakt ...

Droodles © IVO | Inspiratie Voor Onderwijs007 | Droodles
Het leuke van Droodles is dat iedereen ze kan maken. Met lijnen van een zwarte stift, wat humor en creativiteit ontstaan al snel eenvoudige beelden die de kijker op het verkeerde been zetten ...

Dichtvormen

Visuele poëzie © IVO | Inspiratie Voor Onderwijs005 | Visuele poëzie
Bij visuele poëzie worden woord en beeld door elkaar gebruikt. Het beeld versterkt de bedoeling van het woord. Kinderen maken kennis met 'Music Hall' van Paul van Ostayen en gaan zelf aan de slag ...

Gave gedichten (2) © IVO | Inspiratie Voor Onderwijs043 | Gave gedichten (2)
Een flarf is een gedicht dat bestaat uit woorden of zinnen uit zoekresultaten van internet. Het leuke is dat je het jezelf zo simpel of zo lastig kunt maken als je zelf wilt, met jouw eigen regels ...

maandag
apr252011

012 | Monster in de stad

Monster in de stad © IVO! | Inspiratie Voor Onderwijs

Een maal per eeuw verschijnt in Londen een reusachtig en hongerig monster! Je logeert bij je tante in het hart van de stad en ontdekt het groene gevaar...

Dit gegeven is het uitgangspunt voor een stelopdracht. Na de bovenstaande beginzin zouden kinderen het verhaal zelf af kunnen maken. Omdat dit een vrij open opdracht is zullen sommige kinderen moeite hebben met het uitwerken van deze opdracht.
Met het volgende stappenplan kun je kinderen meer houvast geven.

Stappenplan

Stap 1: Wat voor monster is het?
De kinderen krijgen de opdracht te bedenken wat voor monster het is en welke eigenschappen het heeft. Dat kan door het maken van een woordspin, maar het invullen van een vragenlijst over het monster is effectiever. Door gerichte vragen geven de kinderen een beschrijving van het monster. Voorbeelden van vragen zijn:
- Hoe ziet het monster er uit?
- Waar komt het monster vandaan?
- Waarom bezoekt de monster de stad?
- Wat maakt het monster gevaarlijk?
- Wat eet het monster?
- Hoe beweegt het monster zich voort?
- Waar houdt het monster van? Waar niet van?
- Is het monster ergens bang voor? Waarvoor?
- Wat kan het monster goed?
- Wat is de zwakke plek van het monster?
- Hoe heet het monster?

Stap 2: Setting
Laat de kinderen informatie op internet of in boeken opzoeken over de stad Londen. Een goed hulpmiddel daarbij is Google Maps waarbij ook allerlei informatie verschijnt over plaatsen in Londen. Laat de kinderen die plaatsen en gebouwen beschrijven die een rol kunnen spelen in hun verhalen.

Stap 3: Het verhaal schrijven
De meeste kinderen zullen gewoon gaan schrijven en tijdens het schrijven het verhaal verder verzinnen. Toch kun je vooraf nog enkele punten bespreken, zonder echt in te gaan op de technische kant van schrijven. Zo kun je het perspectief bespreken. Wordt het een ik-verhaal (ik zag het monster de hoek om komen) of ga je je eigen naam gebruiken en hij/zij (Jan zag het monster de hoek om komen)? En in welke tijd schrijf je het verhaal? Geef korte voorbeelden van een zin in de tegenwoordige tijd en een zin in de verleden tijd.

Extra idee
Voor of na het schrijven kunnen de kinderen de monsters tekenen. Geschikt materiaal hiervoor is bijvoorbeeld Oostindische inkt en ecoline, houtskool of gewoon een goed tekenpotlood. Het kan leuk uitpakken wanneer de leerlingen een zeer groot stuk papier krijgen, waardoor de verhoudingen (grootte monster en mensen) goed zichtbaar worden.