<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<!--Generated by Squarespace Site Server v5.11.81 (http://www.squarespace.com/) on Wed, 30 May 2012 07:51:48 GMT--><feed xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom" xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"><title>Archief-2</title><subtitle>Archief-2</subtitle><id>http://inspiratievooronderwijs.nl/archief-2/</id><link rel="alternate" type="application/xhtml+xml" href="http://inspiratievooronderwijs.nl/archief-2/"/><link rel="self" type="application/atom+xml" href="http://inspiratievooronderwijs.nl/archief-2/atom.xml"/><updated>2012-05-28T19:06:35Z</updated><generator uri="http://www.squarespace.com/" version="Squarespace Site Server v5.11.81 (http://www.squarespace.com/)">Squarespace</generator><entry><title>076 | Stijloefeningen</title><id>http://inspiratievooronderwijs.nl/archief-2/076-stijloefeningen.html</id><link rel="alternate" type="text/html" href="http://inspiratievooronderwijs.nl/archief-2/076-stijloefeningen.html"/><author><name>Bart Vermeulen &amp;amp; Suzanne Wouda</name></author><published>2012-05-07T13:33:08Z</published><updated>2012-05-07T13:33:08Z</updated><content type="html" xml:lang="nl-NL"><![CDATA[<p>
<img src="http://inspiratievooronderwijs.nl/storage/pictures-big/stijloefeningen.jpg" style="width: 405px;" alt="Stijloefeningen © IVO | Inspiratie Voor Onderwijs"/>
</p>

<p>De Franse schrijver Raymond Queneau (1903-1976) publiceerde in 1947 zijn <strong>Exercises de Style.</strong> In dit boek wordt hetzelfde verhaaltje op 99 verschillende manieren verteld. Het boek is vertaald en onder de titel <strong>Stijloefeningen</strong> in Nederland uitgebracht.<br> 
Stijloefeningen is een geweldig boek voor schrijvers. Queneau laat zien dat je eenzelfde verhaal steeds vanuit een andere invalshoek kunt opschrijven. Bijvoorbeeld achterstevoren, in kreten, als ondervraging, als flaptekst, enzovoorts.<br>
En er zijn méér dan 99 varianten mogelijk. Een aantal moderne varianten zijn bijvoorbeeld twitterstijl (140 tekens), de chatstijl/sms-stijl of rapstijl.<br>
Het basisverhaal gaat over een man die in de tram stapt en iemand ziet die ruzie maakt met een andere passagier. Daarna komt hij dezelfde man weer tegen op straat.<br>
Enkele korte voorbeelden uit het boek:</p>

<p><strong>Kreten:</strong><br>
Hemeltjelief! Twaalf uur! tijd om de tram te pakken! wat een drukte! wat een drukte! wat staan we op elkaar gepakt! moet je zien! die vent daar! wat een postzegel! en die nek!</p>

<p><strong>Dus:</strong><br>
Nou, het was dus zo dat die tram er dus aan kwam. Toen ben ik dus ingestapt en toen zag ik dus iemand die me dus opviel. Hij had namelijk een lange hals, dus, en om zijn hoed zat dus een koordje.</p>

<p><strong>Plantaardig:</strong><br>
Nadat ik zowat wortel had geschoten onder een zonnebloem in volle bloei arriveerde eindelijk de gemeentelijke botaniseertrommel aan het Weteringplantsoen. Ik determineerde daarin een snijboon met een lange, in het zaad geschoten stengel en op zijn peer een kelk, omvlochten door wingerd.</p>

<p><strong>Telegrafisch:</strong><br>
TRAM AFGELADEN STOP JONGEMAN LANGEHALS GEVLOCHTEN HOEDBAND BELAAGT ONBEKENDE MEDEPASSAGIER STOP MOTIEF ONDUIDELIJK STOP KWESTIE PER ONGELUK GEPLETTE TENEN STOP</P>

<p>Dit soort stijloefeningen kunnen ook met de klas worden gedaan. Neem een kort stukje tekst uit een boek of verzin zelf een verhaaltje (5 tot 10 regels). Het beste is het als de zinnen zo kaal mogelijk zijn, dus met weinig bijvoeglijke naamwoorden en bijwoorden. Er moet wel iets gebeuren en het is leuk als er twee of meer personages in voorkomen.<br>
Ga eerst klassikaal aan de slag en verander enkele zinnen. Een voor kinderen herkenbare stijl is sprookjesachtig of griezelig. Bespreek hoe die sfeer wordt opgeroepen, welke woorden en zinnen je kunt toevoegen. Hoe maak je de personages sprookjesachtig of griezelig? Start eventueel met een woordspin rondom griezelig of sprookjesachtig zodat de kinderen wat houvast hebben.<br>
Laat ze daarna zelf een manier kiezen om het verhaal anders op te schrijven of laat ze verdergaan met het klassikale voorbeeld.<br>
Als de kinderen de teksten hebben geschreven, kunnen ze deze onderling uitwisselen of in groepjes bespreken. Kunnen anderen raden op welke manier de tekst veranderd is?</P>

<p>Deze oefening is vaker te doen. En het mooie is: de verhalen van de kinderen worden er beter van. Ze leren dat je dingen op veel verschillende manieren kunt opschrijven en verschillende sferen kunt oproepen.</p>]]></content></entry></feed>
